Afschot edelherten in de voortplantingstijd

Zogend edelhertAl eerder constateerde De Faunabescherming het totale falen van het natuurbeleid op de Veluwe. In de Flora- en faunawet heeft de provincie Gelderland vergaande bevoegdheden gekregen om in te grijpen in de dierpopulaties op de Veluwe. Afgelopen week kwam bij De Faunabescherming de melding binnen dat Gedeputeerde Van Dijk toestemming heeft gegeven het afschotseizoen van edelherten, dat op 1 augustus begint, met drie maanden te vervroegen.

In eerste instantie konden wij niet geloven dat het hier een serieuze melding betrof. In de drie jaar geleden verleende ontheffing voor afschot van edelherten is niet voor niets een rustperiode vastgelegd om de dieren met hun jongen te beschermen en rust te gunnen. Helaas moeten wij constateren dat het beleid van de provincie Gelderland volledig wordt bepaald door jagers en boeren. Volgens de Gedeputeerde blijkt uit tellingen dat er ’teveel’ edelherten rond Uddel en Elspeet zouden rondlopen. Ter voorkoming van landbouwschade zullen er in de komende periode ongeveer 300 edelherten worden afgeschoten, terwijl de dieren hoog drachtig of zogend zijn. Bovendien zijn ook alle andere dieren in de omgeving bezig met de voortplanting.

De gevolgen voor de natuur in het gebied zullen desastreus zijn. De edelherten zelf zullen in paniek raken en onberekenbaar gedrag gaan vertonen. Dit zal de verkeersveiligheid niet ten goede komen. Ook zullen zij zich terugtrekken en onzichtbaar worden voor het publiek. Ook alle andere dieren zullen ernstig worden verstoord. De Faunabescherming heeft een brief aan de Provincie verstuurd met het verzoek het afschieten van edelherten onmiddellijk te stoppen. Wij zullen desnoods juridische stappen ondernemen om de Provincie tot inkeer te brengen. Klik op de link hieronder voor de tekst.

Tekst brief aan de provincie Gelderland

Gepost in Nieuws, Politiek en wetgeving, Populatiebeheer | Tags ,

Absurd advies over doden van ganzen

De staatssecretaris van Economische Zaken heeft gisteren een rapport van de Raad voor Dieraangelegenheden over het doden van ganzen naar de 2e Kamer gestuurd. Dit rapport is opgesteld op verzoek van haar ambtsvoorganger Bleker. De vraag die aan deze Raad werd gesteld was: Wat is een uitvoerbare en maatschappelijk geaccepteerde methode voor het doden van wilde ganzen? In dit rapport zijn dus alleen de verschillende dodingsmethoden met elkaar vergeleken.

Ganzenakkoord
Deze vraag was ingegeven door het zogenaamde Ganzenakkoord, dat is gesloten tussen de provincies, de landbouworganisatie en partijen als Natuurmonumenten en Vogelbescherming. Wij hebben hierover eerder op deze site onze scherpe afkeuring uitgesproken. In dit Ganzenakkoord is afgesproken dat de populaties grauwe ganzen en brandganzen moeten worden teruggebracht tot het niveau van 2005. Dat betekent volgens dit akkoord dat er gedurende de komende vijf jaar bovenop het jaarlijkse afschot van ongeveer 250.000 ganzen, het eerste jaar 175.000 ganzen extra gedood zouden moeten worden aflopend in vijf jaar tijd tot ongeveer 50.000 ganzen extra per jaar. Anders dan steeds werd voorgesteld, is het ‘probleem’ van de aantallen ganzen dus over vijf jaar niet opgelost maar zullen er ook daarna nog steeds veel meer ganzen gedood worden dan nu al het geval is. Het Ganzenakkoord gaat er dus vanuit dat er op de lange termijn elk jaar 300.000 ganzen gedood moeten worden om de aantallen op het ‘gewenste niveau’ te houden.

Noodzaak voor doden?
Nadrukkelijk had Bleker aangegeven dat de Raad zich niet mocht buigen over de vraag óf ganzen wel gedood moeten worden, of het doden wel tot een structurele oplossing leidt met betrekking tot schade aan landbouw en de veiligheid van het vliegverkeer en of er mogelijk andere maatregelen kunnen worden getroffen om schade te beperken en de veiligheid te bevorderen. Dat zijn nu net de meest relevante vragen die eerst beantwoord moeten worden, voordat er gekeken kan worden naar de eventuele middelen die kunnen worden ingezet. In het rapport van de Raad voor Dieraangelegenheden getiteld ‘Richtsnoer Ganzendoden’ wordt, tot onze vreugde, meteen in het voorwoord aangegeven dat er binnen de Raad verschil van mening is over de vraag of het doden van zeer grote aantallen ganzen wel nodig is en of de Raad met deze beperkte vraagstelling wel advies zou moeten uitbrengen.

Kosten bestrijding
In de brief aan de 2e Kamer stelt de staatssecretaris dat de aantallen ganzen gereduceerd moeten worden om de kosten van het beheer ‘beheersbaar’ te maken. Vervolgens schuift ze deze kwestie, waarschijnlijk met genoegen, door naar de provincies die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het faunabeheer en wildschadebestrijding. Ze noemt wel ‘beheerskosten’, maar bedoelt waarschijnlijk alleen de bedragen die worden uitgekeerd vanwege landbouwschade. Volgens het Faunafonds is er in 2012 in totaal voor bijna 2,5 miljoen euro uitgekeerd voor schade veroorzaakt door in ons land broedende grauwe ganzen en brandganzen. Er zou echter ook gekeken moeten worden naar de enorme bedragen die zullen moeten worden betaald voor het doden van de in het Ganzenakkoord genoemde aantallen ganzen.

Op dit moment worden de 250.000 ganzen per jaar gedood door middel van afschot. De jagers spannen zich maximaal in om dit aantal te bereiken. Het zal niet mogelijk zijn om jaarlijks veel meer ganzen te schieten. Daarvoor zijn er te weinig jagers. In het Richtsnoer Ganzendoden wordt er daarom vanuit gegaan dat de extra aantallen ganzen zullen worden gedood door middel van vergassing. Daarvoor moeten de vogels tijdens de rui bij elkaar worden gedreven en vervolgens in een container met CO² worden gebracht. De vangteams, de vergassingsinstallaties en de coördinatie van dit alles zal ook moeten worden betaald. De kosten voor de vangactie in Noord-Holland in 2012 bedroeg ruim 90.000 euro voor het vergassen van 5000 ganzen. Dat betekent 18 euro per gans. Als de extra 175.000 ganzen allemaal moeten worden vergast, dan kost dat ruim 3,1 miljoen euro!

Dierenleed wordt genegeerd
Natuurlijk had de Raad voor Dieraangelegenheden deze adviesvraag alleen moeten aannemen als daarbij ook de vraag naar de noodzaak, de effectiviteit en de afweging van de alternatieven voor het doden hadden kunnen worden meegenomen. Uit het rapport blijkt overigens dat een aantal leden van deze Raad dit standpunt met ons deelt. Toch heeft de Raad dit advies uitgebracht, maar gaat bij de beoordeling van de dodelijke middelen voorbij aan het leed dat de vergassing met CO2 veroorzaakt. Van ‘bedwelming’, waarbij de dieren rustig in slaap vallen, is geen sprake. Uit onderzoek blijkt dat tijdens het inademen van hoge concentraties koolzuurgas het CO2-gehalte in het bloed stijgt. Het stijgende CO2-gehalte stimuleert de ademhaling waardoor in een met CO2-gevulde ruimte meer koolzuurgas wordt ingeademd dan uitgeademd. Het gevolg is dat de CO2-concentratie van het bloed nog verder stijgt. Het inademen van hoge CO2-concentraties is stressvol doordat het leidt tot benauwdheid/ademnood en het is bovendien pijnlijk omdat het gas ernstige irritatie van de slijmvliezen veroorzaakt. Dit hele proces leidt daardoor tot een langzame en pijnlijke verstikkingsdood.

Heilloze weg
Wij vinden het nog steeds onbegrijpelijk dat de overheid doorgaat op deze heilloze weg. Daarbij wordt er voor het gemak voortdurend vanuit gegaan dat het in dep praktijk mogelijk is om de aantallen ganzen met behulp van dodelijke middelen drastisch terug te dringen. De afgelopen jaren is gebleken dat ondanks zeer grote inspanningen, bijvoorbeeld in de omgeving van Schiphol, de aantallen ganzen niet zijn afgenomen maar zelfs zijn toegenomen. Bovendien wordt er aan voorbij gegaan dat als het al mogelijk zou zijn om de genoemde aantallen (450.000 ganzen) te doden, dat deze aantallen dan met dezelfde vaart weer worden aangevuld. Hoe sterker de bestrijding, hoe groter de overlevingskans voor de jongen en dus hoe meer nieuwe ganzen erbij komen.

Aanpassen omstandigheden
Zolang de omstandigheden niet veranderen, waaronder voedselaanbod, geschikte broedgebieden en opgroeigebieden voor de kuikens, zolang heeft het doden van de vogels geen enkele zin. De populaties zullen blijven doorgroeien totdat de draagkracht van de omgeving is bereikt. De enige manier om ervoor te zorgen dat er structureel minder ganzen komen, is door de omstandigheden aan te pakken. Dat betekent vooral het onaantrekkelijk of minder geschikt maken van broedgebieden en opgroeigebieden.

De Faunabescherming vindt het advies van de RvD in deze vorm dus absurd, omdat geen aandacht wordt besteed aan noodzaak en effectiviteit van het doden van ganzen, terwijl het veroorzaakte dierenleed wordt gebagatelliseerd. De belastingbetaler draait bovendien op voor de kosten van de nutteloze vergassingacties.

Link naar het advies van de RvD

Gepost in Nieuws, Politiek en wetgeving, Populatiebeheer | Tags , ,

Damherten buiten natuurgebieden vogelvrij

De rechter in Haarlem heeft besloten dat alle damherten buiten het duingebied van Kennemerland mogen worden doodgeschoten. Alleen in het Nationaal Park Zuid-Kennemerland en de Amsterdamse Waterleidingduinen (AWD) mogen de beheerders nu zelf uitmaken hoe ze met de damherten omgaan. De provincie dreigde twee jaar geleden nog tegen de wil van de gemeente Amsterdam jagers een flink deel van de damherten in de AWD te laten schieten, maar ze worden daar nu voorlopig met rust gelaten. Buiten dit zogenaamde ‘leefgebied voor het damhert’ willen de provincie en de Faunabeheereenheid alleen genoegen nemen met de ‘nulstand’, ofwel de dieren moeten worden uitgeroeid. Vele honderden herten zullen dan moeten worden geschoten.

Landgoederen en tuinen
Dit gebied bestaat voor het overgrote deel uit landgoederen, villawijken en huizen met meer dan gemiddeld grote tuinen en strekt zich uit van Vogelenzang tot aan het Noordzeekanaal. Damherten leven daar al tientallen jaren en niemand weet hoeveel het er zijn. In een natuurgebied is tellen van damherten eigenlijk al niet mogelijk. In dit bewoonde gebied is het volstrekt onmogelijk. Natuurlijk zijn er in dat gebied mensen die geen damherten in hun tuin of landgoed willen zien, maar er zijn ongetwijfeld minstens zoveel mensen die absoluut niet zullen toelaten dat jagers in hun tuin herten komen schieten. Wij geloven dan ook niet dat het mogelijk is om werkelijk alle damherten buiten het leefgebied uit te roeien. En wij hebben uiteraard gloedvol bij de rechtbank betoogd, dat daar ook geen reden voor is, en dat het daarom feitelijk illegaal is.

Landbouwschade
Nodig vanwege belangrijke landbouwschade? Onzin, er is nauwelijks landbouw in het gebied anders dan enkele bollenvelden. Daar kan een raster omheen worden gezet. Dat kunnen landgoedeigenaren, die geen damherten willen, zich ook wel permitteren. Veel van de zogenaamde ‘schade aan grasland’ is, als het al bestaat, toe te rekenen aan honderden ganzen, eerder dan aan een tiental damherten.

Verkeersveiligheid
De belangrijkste reden voor het schieten is de verkeersveiligheid. Dit, terwijl nergens harder mag worden gereden dan 60 km/uur en damherten heel flegmatieke dieren zijn. Normaal gesproken rijd je niet tegen een damhert aan. Zeker niet als je weet dat je een damhert op de weg kan verwachten. De waarschuwingsborden en de andere maatregelen, zoals een hoog hek, zijn nog maar een half jaar geleden geplaatst. Niemand weet of de nu genomen maatregelen afdoende zijn. Maar de provincie wil daar niet op wachten. Wij betoogden bij de rechter uiteraard dat de provincie daar wel op moet wachten, alvorens eventueel tot afschot over te gaan. Wij hebben er daarbij ook op gewezen dat het afschot wel eens averechts kan werken, aangezien de dieren zich onberekenbaarder kunnen gaan gedragen. Helaas was de rechter het niet met ons eens.

Gepost in Juridische zaken, Nieuws, Populatiebeheer | Tags

Mooi Nederland: eerste stap naar goede natuurwet

Mooi NederlandRuim veertig natuur-, landschaps- en dierenwelzijnsorganisaties zijn positief over de natuurwetplannen van PvdA, D66 en GroenLinks. Hun initiatiefnota Mooi Nederland is een duidelijke breuk met het wetsvoorstel van voormalig staatssecretaris Bleker, die de bestaande natuurwetgeving wilde uithollen. Mooi Nederland biedt een basis om natuur goed te beschermen en te herstellen.

Betere bescherming gebieden
De groene organisaties zijn vooral te spreken over de voorstellen die Mooi Nederland doet om natuurgebieden en waardevolle landschappen bij wet te beschermen. Het vergroten en verbinden van gebieden wordt eindelijk wettelijk verankerd. En het natuurnetwerk van de Ecologische Hoofdstructuur wordt terecht alsnog en in zijn geheel gerealiseerd.

Verbod plezierjacht
Mooi Nederland stelt verder voor om jacht alleen nog in te zetten in het kader van schadebestrijding en duurzaam populatiebeheer. De groene organisaties steunen het voorstel om de nationaal geldende wildlijst en daarmee de plezierjacht af te schaffen. Ook zijn de groene organisaties erg blij dat de intrinsieke waarde van natuur, inclusief in het wild voorkomende dieren, als een algemeen beginsel wordt gezien, en dat de nadruk wordt gelegd op het voorkomen van de introductie van exoten. Bovendien juichen zij het toe dat rust, stilte en ruimte blijvend worden beschermd. Bleker wilde deze bescherming juist schrappen, terwijl bescherming van deze landschapskwaliteiten in een druk land als Nederland hard nodig is. De groene organisaties hopen dat staatssecretaris Dijksma dit aanpast in haar wetsvoorstel, dat ze voor de zomer naar de Tweede Kamer stuurt.

Nog wel verbetering nodig
De groene organisaties betreuren het dat Mooi Nederland op het gebied van actieve soortenbescherming, handhaving en monitoring niet veel verder gaat dan Blekers wetsvoorstel. Het is heel belangrijk dat de natuurwetgeving betrokken overheden verplicht actief te zorgen voor de bescherming van dier- en plantensoorten en hun leefgebieden. Alleen zo wordt voorkomen dat de soortenrijkdom in Nederland verder achteruitgaat.

Benieuwd naar plannen kabinet
De sector kijkt reikhalzend uit naar het wetsvoorstel van staatssecretaris Dijksma. “Wij zijn van oordeel dat juist nu het moment is om natuurwaarden de bescherming te geven die zo nodig is. Om te laten zien dat Nederland zo beschaafd is als het zegt te zijn, om te laten zien dat het ons ernst is met de Europese en internationale afspraken, om keuzes te maken waar natuur én economie beter van worden en om natuurwaarden en soorten die juist voor Nederland zo bijzonder zijn, te blijven beschermen. Mooi Nederland vormt een goede aanzet daartoe,” aldus Teo Wams directeur natuurbeheer van Natuurmonumenten namens ruim veertig natuur-, landschaps- en dierenwelzijnsorganisaties waaronder De12Landschappen, Landschapsbeheer Nederland, stichting VeldOnderzoek Flora en Fauna, de Dierencoalitie (van 22 dierenwelzijnsorganisaties waaronder Wakker Dier en Stichting AAP), Soortenbescherming Nederland, stichting RAVON, stichting FLORON, de Vlinderstichting, Zoogdiervereniging, EIS-NL, De Faunabescherming en Vereniging Politie Dieren- en Milieubescherming.

Gepost in Natuur en milieu, Nieuws, Persberichten, Politiek en wetgeving

Hoe zit het nu echt in de Waterleidingduinen?

Geen afschot binnen AWD
Twee jaar geleden dreigde de gedeputeerde van Noord-Holland, de heer Bond, de damherten in de Amsterdamse Waterleiding Duinen (AWD), zonder toestemming van de gemeente Amsterdam, te laten doden. Op grond van de Flora- en faunawet kan de provincie via een zogenaamde aanwijzing jagers opdracht geven om dieren te schieten, ook als de eigenaar dat niet wil. Gelukkig is het zover niet gekomen. Er was en is ook geen enkele reden voor.

Inmiddels geven zowel de gedeputeerde als de jagers toe dat er in het duingebied geen echte problemen zijn. Het hele duingebied, zeg maar de AWD, het Nationaal Park Zuid-Kennemerland (NPZK) en het duingebied daartussen, is nu officieel aangewezen als leefgebied voor de damherten en daar wordt in principe alleen geschoten als de terreineigenaar dat nodig vindt. De gemeente Amsterdam, als eigenaar van de AWD, vindt dat voorlopig niet noodzakelijk.

Er is ook geen probleem in de AWD. Er is voedsel in overvloed en deskundigen denken dat er wel drie keer zoveel damherten kunnen leven. Voor het NPKZ, waarin ook de Zeeweg ligt, is wel een ontheffing verleend door de provincie om damherten en reeën te schieten. Zogenaamd vanwege verkeersoverlast, maar de hekken langs de Zeeweg, waar af en toe aanrijdingen plaatsvinden, vormen nauwelijks een hindernis voor de herten.

Damherten buiten duingebied vogelvrij
Vanwege de verkeersveiligheid en de landbouwschade heeft de provincie wel ontheffing verleend om alle damherten buiten het duingebied af te schieten. Op grond van de Flora- en faunawet is afschot alleen toegestaan als er geen andere maatregelen mogelijk zijn om de verkeersveiligheid te verbeteren en landbouwschade te voorkomen. De Faunabescherming is van mening dat die maatregelen er wel zijn. Een bijvoorbeeld is het hek langs de Vogelenzangseweg. Dat staat er nog maar enkele maanden en de effectiviteit daarvan moet zich nog bewijzen. Daarnaast zijn wij van mening dat er meer maatregelen kunnen worden getroffen om aanrijdingen te voorkomen, zoals het verlagen van de verkeerssnelheid en het intensiveren van de handhaving. Ook het verbeteren van het zicht langs de weg kan plaatselijk aanrijdingen voorkomen. Het aanbrengen van een deugdelijke afrastering kan eventuele landbouwschade voorkomen.

Damherten leven in heel duingebied
Door omwonenden wordt veel geklaagd over andere vormen van ‘overlast’, zoals het opeten van planten in particuliere tuinen. Het is in eerste instantie aan de eigenaar om zijn eigendom af te schermen. Bovendien gaat het hier om beschermde dieren die in principe niet mogen worden afgeschoten, laat staan uitgeroeid. Zonder nadere onderbouwing beweert de provincie met regelmaat, dat de overlast wordt veroorzaakt door damherten die allemaal afkomstig zijn uit de AWD. De Faunabescherming heeft telkens aangegeven dat niet alle in dit gebied aanwezige damherten afkomstig zijn uit de AWD. Er leven al sinds de 50-er jaren van de vorige eeuw damherten in heel Kennemerland, van Noordwijkerhout tot Velsen. Dat betekent dat een hek om de AWD niet zal voorkomen dat damherten, die zich al hun hele leven buiten dit gebied bevinden, in de buurt van wegen komen.

Sterfte damherten door plaatsing hek
Het hek langs de Vogelenzangseweg is geplaatst om damherten binnen de AWD te houden. Gevolg hiervan is dat de damherten die aan de rand van de AWD leefden en gewend waren te foerageren op de omliggende gronden, het gebied opeens niet meer konden verlaten. Een deel van deze dieren, vooral jonge mannelijk damherten, bleek niet in staat te zijn om zich aan deze situatie aan te passen. Zij bleven tegen beter weten in proberen hun vertrouwde voedselgebieden aan de andere kant van het hek te bereiken. In plaats van een paar honderd meter naar het westen te lopen, waar voedsel in overvloed is en was. Dit gebrek om zich aan te passen aan de gewijzigde omstandigheden is hen noodlottig geworden. Het betrof met name jonge mannetjes, omdat die in de winter sowieso kwetsbaar zijn vanwege de uitputtende bronsttijd in het najaar. Op die manier zijn de afgelopen periode meer damherten gestorven dan andere jaren. Sterfte op zich is overigens niet ongewoon. Deze extra sterfte had niemand echter verwacht, ook wij niet. In principe is er ruim voldoende voedsel aanwezig in het gebied. Omdat deze verhoogde sterfte het gevolg is van menselijk ingrijpen door plaatsing van het hek, hebben wij de gemeente Amsterdam verzocht stervende herten uit hun lijden te verlossen.

Afschot als beheermaatregel onnodig
Naar verwachting zullen de aantallen damherten zich in dit gebied gaan stabiliseren, zonder jacht, zonder wolven, maar door natuurlijke oorzaken zoals aanpassingen in de hormoonhuishouding en misschien ook infectieziekten. Dat is de natuur. Te veel damherten zijn er niet. Biologisch gezien zijn er nooit te veel dieren. Hun aanwezigheid betekent dat er plaats voor hen is. Schieten is leuk voor jagers, maar als beheermaatregel werkt het averechts. Afschot frustreert op ernstige wijze de natuurlijke stabilisatie van een populatie. Dieren die bejaagd worden, gaan veel meer jongen produceren. Een bejaagde populatie vossen krijgt bijvoorbeeld tot wel drie keer zoveel jongen als een onbejaagde populatie.

Bijvoeren geen oplossing
Bijvoeren heeft in feite hetzelfde effect en biedt dus ook geen oplossing voor de damherten zelf. Als de verzwakte dieren al gaan eten, wat meestal niet het geval is, blijven er meer leven, worden er meer jongen geboren en is het probleem het jaar daarna nog groter. Voor de meeste mensen is het moeilijk om toe te kijken als natuurlijke processen hun gang gaan. De drang om in te grijpen is groot maar we moeten ons beseffen dat dit veelal niet in het belang van de dieren is. We maken hiermee de natuur afhankelijk van de mens en dat kan nooit de bedoeling zijn. Bovendien worden problemen er in feite niet mee opgelost. Naar verwachting zal het probleem van de sterfte nabij het nieuwe hek volgende winter niet meer optreden. De overgebleven damherten hebben het hele jaar de tijd om te wennen aan de nieuwe situatie en binnen de AWD zullen ze andere voedselbronnen gaan benutten.

Hek sluit damherten buiten
Het hek bij de Vogelenzangseweg houdt niet alleen damherten tegen die vanuit de AWD naar de omliggende gronden willen gaan. Het hek houdt ook damherten tegen die de AWD in willen komen. Dat kan eenvoudig worden opgelost door in het hek plaatsen te maken, waar de dieren het gebied wel in maar niet uit kunnen gaan. Daarom hebben wij inmiddels zowel bij de gemeente Amsterdam als bij de provincie aangedrongen om dit hek op die manier aan te passen.

Beroep bij rechtbank
Ter beperking van aanrijdingen en landbouwschade buiten de AWD heeft de provincie in 2012 ontheffing verleend om alle damherten buiten dit gebied te schieten. Daar hebben wij als Faunabescherming bezwaar tegen ingediend. Op ons verzoek heeft de rechtbank Haarlem deze ontheffing geschorst. Daardoor konden de jagers tot nog toe niet tot afschot overgaan. Inmiddels heeft de provincie Noord-Holland ons bezwaarschrift ongegrond verklaard, waardoor de damherten over enige weken alsnog mogen worden geschoten. Om dat te voorkomen zijn wij in beroep gegaan bij de rechtbank Haarlem en hebben deze rechtbank opnieuw gevraagd de ontheffing te schorsen. Ons verzoek zal half april worden behandeld. Wij houden u op de hoogte.

Gepost in Juridische zaken, Nieuws, Populatiebeheer | Tags ,

Update van het Schiphol dossier

Vliegende ganzenHet vliegtuig was deze week nog niet geland op Schiphol of onmiddellijk kwamen berichten in de pers dat de oorzaak van de voorzorgslanding een aanvaring met een groep ganzen zou zijn. En dit werd natuurlijk direct gevolgd door een extra roep om drastische maatregelen tegen ganzen.

Zo snel als de berichten verschenen, zo traag worden de nodige structurele maatregelen getroffen om aanvaringen met ganzen te voorkomen. Tien jaar geleden werd in wetenschappelijke rapporten al aangegeven dat er iets zou moeten worden gedaan aan de voor ganzen zeer aantrekkelijke situaties in de omgeving van Schiphol. De grote waterpartijen, de rustplaatsen en het aanwezige voedsel, in de vorm van zeer grote oppervlakten met grassen, granen, bieten en aardappelen, maken de omgeving van Schiphol uitermate geschikt voor ganzen

In 2012, vele rapporten en jaren later ligt er een convenant, waarin vier pijlers worden beschreven die tot een vermindering van de kans op aanvaringen moeten gaan leiden. Het gaat om: het terugbrengen van het aantal ganzen, het beperken van het voedselaanbod, het anders inrichten van de omgeving en de inzet van vogeldetectiesystemen op de luchthaven.

Ganzenbeheerplan
Half februari is het Ganzenbeheerplan Schiphol aan de provincie Noord-Holland gestuurd. Hierin wordt uitsluitend ingegaan op het terugbrengen van het aantal ganzen en de methoden die daarvoor zouden moeten worden ingezet. In het plan wordt gesteld dat het doden van zeer grote hoeveelheden ganzen die in de omgeving van Schiphol broeden, door middel van afschot en vergassing, noodzakelijk is om de aantallen ganzen sterk te reduceren. Het plan is dan ook bedoeld als aanvraag voor een ontheffing voor het op grote schaal doden van alle soorten ganzen rondom Schiphol. In het plan wordt de suggestie gewekt dat het mogelijk zou zijn om de hoeveelheid broedende grauwe ganzen met een factor 10 terug te dringen en om de overige in de omgeving broedende ganzen volledig uit te roeien. Bovendien wordt de suggestie gewekt dat dat de enige manier zou zijn om de kans op aanvaringen daadwerkelijk te beperken.

Beide suggesties zijn onzin. Uit de praktijk blijkt dat het volstrekt onhaalbaar is om zoveel ganzen te doden dat de gewenste zeer lage aantallen worden bereikt. De afgelopen jaren zijn in dit gebied jaarlijks al 20.000 ganzen gedood en groeiden de populaties ganzen toch door. Bovendien zullen er toch altijd ganzen naar dit gebied worden toegetrokken, zolang de omgeving niet wordt aangepakt en er nog steeds voor ganzen aantrekkelijke gewassen aanwezig zijn. De maatregelen zullen ook niet voorkomen dat van elders afkomstige ganzen toevallig de baan van een vliegtuig kruisen. Een recent voorbeeld daarvan is een voorzorgslanding vorige week na een aanvaring met in ons land overwinterende kolganzen. Een ander voorbeeld is de aanvaring in 2010 met een groep langstrekkende Canadese ganzen.

Reactie De Faunabescherming
In haar reactie op dit Ganzenbeheerplan heeft De Faunabescherming aangegeven dat er op zijn minst een integraal plan moet komen, waarin alle maatregelen worden meegenomen. Wij hebben er ook op gewezen dat het niet gaat om het beperken van het aantal ganzen, maar om het beperken van de kans op aanvaringen tussen vliegtuigen en ganzen.
De enige manier om dat doel te bereiken, is door de omgeving van Schiphol zo onaantrekkelijk mogelijk te maken en door er in ieder geval voor te zorgen dat er geen voor ganzen aantrekkelijke gewassen meer worden geteeld en dat alle technische mogelijkheden worden benut om groepen vogels tijdig op te merken waardoor vliegtuigen via een andere baan kunnen worden geleid. Het gaat dus om een adequate inzet van de andere pijlers uit het convenant.

In de praktijk blijkt dat hier veel te traag op wordt ingezet. Er is in 2012 een begin gemaakt met het afsluiten van overeenkomsten met boeren om graanpercelen binnen twee dagen na de oogst om te ploegen. Dat betekent dat de graanpercelen zelf aanwezig blijven, evenals de percelen met bieten en aardappelen. Allemaal gewassen die een sterke aantrekkingskracht op ganzen hebben. Tevens blijkt uit het jaarverslag van de regiegroep Vogelaanvaringen over 2012, dat pas dit jaar een start wordt gemaakt met een proef met een vogeldetectiesysteem.

Beroepsschrift tegen vergassen
In april zal het beroepsschrift van De Faunabescherming tegen de ontheffing voor het vergassen van de ganzen in de regio Schiphol 2012 door de rechtbank Haarlem worden behandeld. Dit is een belangrijke zaak voor het bepalen van de mogelijkheden die de provincie heeft bij het verlenen van toekomstige ontheffingen.

Zeker nu laat De Faunabescherming de ganzen niet in de steek. Wij zullen alles in het werk stellen om het falen van de huidige aanpak aan te tonen. U zult van ons horen!

Gepost in Nieuws, Populatiebeheer | Tags ,

Ministerie geeft toestemming voor faunavervalsing

Nederlandse korhoenders op rand van uitsterven
De Sallandse Heuvelrug is het laatste gebied in Nederland waar nog van oorsprong korhoenders leven. Het gaat in dit gebied al jaren heel erg slecht met deze vogelsoort. Er werden in 2011 nog maar vier hanen geteld. Het ministerie van Economische Zaken heeft toestemming gegeven om korhoenders, die in Zweden worden gevangen, in dit gebied uit te zetten om de populatie aan te vullen. Het gaat echter om een andere ondersoort en de kans op succes is nihil. Lees verder

Gepost in Exoten, Natuur en milieu, Nieuws | Tags ,

Eierrovers mogen hun gang gaan

Onvoorstelbaar… Dat is de eerste reactie bij het horen van de uitspraak van de voorzieningenrechter in Leeuwarden. De Friezen mogen ook dit jaar gewoon weer meer dan 6000 kievitseieren roven.
Hier vindt u de uitspraak van de voorzieningenrechter. Lees verder

Gepost in Eieren rapen, Juridische zaken, Nieuws | Tags ,

Voorzitter De Faunabescherming bedreigd door eierzoeker

Afgelopen week ontvingen wij de volgende bedreiging richting de voorzitter van De Faunabescherming, verzonden door Sjoerd Huitema: Lees verder

Gepost in Eieren rapen, Nieuws

Ondanks afname aantal kieviten toch eieren rapen

Het gaat slecht met de kievit. Toch heeft de provincie Friesland opnieuw ontheffing verleend om de komende drie jaar kievitseieren te rapen. Omdat er al vanaf 1 maart mag worden geraapt, heeft De Faunabescherming bij de rechter in Leeuwarden gevraagd om deze ontheffing voorlopig te schorsen, totdat ons bezwaarschrift behandeld zal worden. De rechtbank zal ons verzoek om het rapen te verbieden op woensdag 20 februari behandelen. Lees verder

Gepost in Eieren rapen, Juridische zaken, Nieuws | Tags ,